Bizzarrini: de GT-sportwagen die alles versloeg
Giotto Bizzarrini is een naam die iedere liefhebber van Italiaanse sportwagens zou moeten kennen. Als hoofdingenieur bij Ferrari was hij verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de Ferrari 250 GTO — een van de meest begeerde en waardevolle auto’s aller tijden. Na zijn gedwongen vertrek bij Ferrari richtte hij zijn eigen bedrijf op en bouwde sportwagens die technisch even briljant waren maar radicaler in hun aanpak.
Giotto Bizzarrini: de man achter het merk
In november 1961 ontsloeg Enzo Ferrari een groep van zijn beste ingenieurs in wat bekendstaat als de ‘Palazzo delle Rane’ — het ‘Paleis van de Kikkers’. Giotto Bizzarrini was een van de ontslagenen. Zijn misdrijf: hij had deelgenomen aan een interne opstand gericht op meer professionele managementpraktijken bij Ferrari.
Na zijn vertrek bij Ferrari werkte Bizzarrini korte tijd voor Iso Rivolta, waar hij de chassis ontwierp voor de Iso Grifo en de Iso Rivolta IR 300. In 1965 richtte hij zijn eigen bedrijf op in Livorno: Prototipi Bizzarrini. De focus lag op GT-sportwagens van het hoogste niveau.
De modellen van Bizzarrini
Bizzarrini 5300 GT Strada
Het hoofdmodel van Bizzarrini was de 5300 GT Strada, een GT-sportwagen met een Chevrolet Corvette V8-motor van 5,4 liter. Dit was een bewuste keuze: de Amerikaanse V8 was betrouwbaar, krachtig en relatief goedkoop. Gecombineerd met het aerodynamisch verfijnde koetswerk — laag, breed, aggressief — was de 5300 GT een van de snelste GT-wagens van zijn tijd.
Het chassis was een stijf stalen buizenframe, het koetswerk van glasvezel. De auto was zo laag dat instappen een acrobatische oefening was, maar eenmaal aan boord beloonde hij de rijder met prestaties die Ferrari en Lamborghini de schrik aanjagen. Op de testbaan van Le Mans haalde een Bizzarrini in 1965 een hoogste snelheid van 290 km/u — sneller dan de Ferrari 275 GTB van datzelfde jaar.
Bizzarrini 5300 GT Corsa
De racegerichte versie van de 5300 GT, de Corsa, was lichter en krachtiger dan de Strada. Met minimale interieurbestelling, een verlaagd rijgewicht en een geoptimaliseerde aerodynamica was de Corsa bedoeld voor de Le Mans 24-uurs race. In 1965 nam een Bizzarrini Corsa daadwerkelijk deel aan Le Mans — en finishte als 9e overall en als winnaar in de GT-klasse. Een indrukwekkende prestatie voor een klein, onafhankelijk bedrijf.
Bizzarrini P538
De P538 was een prototype voor een volledig racewagen. Met middenmotor-configuratie (de motor achter de bestuurder geplaatst) was het een technisch ambitieus project dat echter niet tot seriematige productie leidde. Het project illustreerde Bizzarrini’s brede technische kennis maar ook de beperkingen van een klein bedrijf zonder grote financiële reserves.
Bizzarrini Manta
De Manta was een futuristisch concept dat Bizzarrini ontwikkelde in samenwerking met Italdesign (Giorgetto Giugiaro). Het ontwerp was zo avantgardistisch dat het zijn tijd ver vooruit was — het silhouet deed denken aan een vliegtuig zonder vleugels. De Manta bleef een eenmalig prototype, maar is tot op de dag van vandaag een gewaardeerd designobject.
Productieaantallen en zeldzaamheid
Bizzarrini produceerde nooit grote aantallen. De totale productie van de 5300 GT Strada bedroeg circa 65 exemplaren, de Corsa was nog zeldzamer. Dit maakt authentieke Bizzarrini-modellen extreem zeldzaam en waardevol. Op veilingen brengen ze regelmatig meer dan een miljoen euro op.
Het einde van het merk
In 1969 ging het bedrijf failliet — een combinatie van te beperkte financiële middelen, te hoge productiekosten per eenheid en te weinig volume. Giotto Bizzarrini bleef actief als ingenieur en consultant, maar bouwde nooit meer auto’s als zelfstandig fabrikant. In 2022 werd een hergeboorte van het merk aangekondigd — Bizzarrini 2.0 zou elektrische hypercars gaan bouwen, een eerbetoon aan de pioniersgeest van de oprichter.
Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.










