De Heinkel Kabine is een van de meest iconische microcars uit de naoorlogse periode. De kleine driewieler met zijn karakteristieke frontdeur en bubblecar-design werd gebouwd door de Heinkel Flugzeugwerke — hetzelfde bedrijf dat in de Tweede Wereldoorlog straaljagers bouwde. Na de oorlog omschakelen naar miniatuurauto’s: het verhaal van Heinkel symboliseert de buitengewone aanpassingskracht van de westerse industrie na 1945.
Van straaljagers naar microcars
Ernst Heinkel Flugzeugwerke was een van de belangrijkste vliegtuigfabrikanten van Nazi-Duitsland. Het bedrijf produceerde beroemde vliegtuigen als de He 111 bommenwerper en de He 178 — het eerste vliegtuig ooit aangedreven door een straalturbine. Na de capitulatie van Duitsland in 1945 werd de vliegtuigproductie verboden door de geallieerden.
Ernst Heinkel moest zijn fabriek omschakelen. Hij koos voor microcars en scooters — producten die pasten bij de kale economische realiteit van het naoorlogse West-Duitsland. In een tijd dat de meeste Duitsers geen auto konden betalen, bood een kleine, goedkope gemotoriseerde driewieler een alternatief voor de fiets.
De Heinkel Kabine (1956–1958)
De Heinkel Kabine werd in 1956 geïntroduceerd. Het was een compacte driewieler met een opmerkelijk design: de toegang tot het voertuig verliep via een frontdeur — de volledige voorzijde swingte open als een luifel. Dit gaf de inzittenden toegang maar had ook een praktisch voordeel: er was geen ruimte voor conventionele zijdeuren.
De Kabine had een 174 cc eencilindermotor gemonteerd achterin, waardoor de voorwielen alleen voor de sturing dienden. De topsnelheid bedroeg circa 85 km/u. Het interieur was sober maar functioneel: twee personen konden redelijk comfortabel zitten, en er was enige bagageruimte.
De auto werd door zijn frontdeur en ronde glazen koepel ook wel ‘bubble car’ of ‘Kabinenroller’ genoemd — termen die voor een hele generatie naoorlogse microcars werden gebruikt.
De Trojan-licentie: productie in Groot-Brittannië
Toen de westerse geallieerden in 1955 West-Duitsland toestonden zijn vliegtuigindustrie te herstarten, werd de Heinkel-fabriek opnieuw vliegtuigfabrikant. De microcar-productie was een tijdelijke noodoplossing geweest. Heinkel gaf de licentie voor de auto door aan het Britse bedrijf Trojan Limited in Croydon, Surrey.
De Trojan-versie van de Kabine — officieel de Trojan 200 — werd van 1960 tot 1965 gebouwd in Croydon. De auto was vrijwel identiek aan het Heinkel-origineel. In Groot-Brittannië werd de Trojan 200 populair als goedkoop stadsvervoer, al bleef het succes bescheiden vergeleken met de Mini, die in 1959 was geïntroduceerd.
Technische kenmerken
De Heinkel Kabine en de Trojan 200 deelden dezelfde basisspecificaties:
- Motor: 174 cc, ééncilinderviertakt, achterin gemonteerd
- Vermogen: circa 9,2 pk
- Topsnelheid: circa 85 km/u
- Aandrijving: driewieler, achterwiel aangedreven
- Gewicht: circa 245 kilogram
- Zitplaatsen: 2 (volwassenen) + optioneel 1 kind
Concurrent: de Isetta en Messerschmitt
De Heinkel Kabine stond niet alleen in de wereld van de Europese bubblocars. De BMW Isetta — ook gebaseerd op een Italiaans ontwerp — concurreerde direct met de Kabine. De Messerschmitt KR175 en KR200 waren andere geduchte concurrenten, ook afkomstig van een voormalig vliegtuigbouwer. Al deze auto’s beantwoordden aan dezelfde behoefte: betaalbaar, economisch transport in naoorlogs Europa.
Erfenis en collectors waarde
De Heinkel Kabine en Trojan 200 zijn tegenwoordig gewaardeerde collectors items. De karakteristieke frontdeur, de glasen koepel en het compacte formaat maken ze fotogeniek en geliefd bij liefhebbers van automotive curiosa. Goed bewaarde exemplaren worden aangeboden voor bedragen tussen de 15.000 en 40.000 euro, afhankelijk van conditie en documentatie.
Beide auto’s vertegenwoordigen een uniek moment in de Europese transportgeschiedenis: het punt waarop een verwoest continent inventieve manieren vond om zijn bewoners toch mobiel te maken.
Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.
Veelgestelde vragen over Heinkel Trojan
Wat is de Heinkel Kabine?
De Heinkel Kabine is een naoorlogse driewieler microcar gebouwd door Heinkel Flugzeugwerke van 1956 tot 1958. De auto is herkenbaar aan zijn frontdeur en glazen koepel.
Wat heeft Heinkel met vliegtuigen te maken?
Ernst Heinkel Flugzeugwerke was een van de grootste vliegtuigfabrikanten van Nazi-Duitsland. Na de oorlog, met vliegtuigproductie verboden door de geallieerden, schakelde het bedrijf over op microcars en scooters.
Wat is het verschil tussen Heinkel en Trojan?
De Trojan 200 is een Britse licentieversie van de Heinkel Kabine. Toen Heinkel in 1955 kon terugkeren naar vliegtuigproductie, gaf het de autolicentie door aan Trojan Limited in Croydon, die de auto tot 1965 bouwde.
Hoeveel kostte de Heinkel Kabine?
De prijs was aanmerkelijk lager dan die van een conventionele auto, wat het de ideale keuze maakte voor de krappe naoorlogse portemonnee. Goede exemplaren kosten vandaag 15.000 tot 40.000 euro bij klassiekenhandelaren.










