Iso was een Italiaans automerk dat zijn roots had in de scooter- en koelkastproductie van de jaren veertig. Oprichter Renzo Rivolta begon zijn bedrijf in Bresso, nabij Milaan, en groeide via de productie van motorscooters en microcars naar één van de meest ambitieuze Italiaanse sportwagenbouwers van de jaren zestig. De naam Iso is verbonden met twee iconische producten die op het eerste gezicht weinig met elkaar gemeen lijken: de piepkleine Isetta microcar en de imposante Iso Grifo V8 sportwagen.
De Iso Isetta: de microcar die BMW redde
De Isetta, geïntroduceerd door Iso in 1953, was een van de meest eigenaardige maar succesvolle autocreaties van de naoorlogse periode. De microcar met zijn karakteristieke frontportier, kleine wielbasis en eencilinder-motorfietsmotor van 236 cc was ontworpen voor maximale zuinigheid en minimale afmetingen in een Europese economie die na de oorlog zuchtend herstelde.
Iso verkocht de productielicentie voor de Isetta aan BMW, dat de auto in 1955 op de markt bracht met zijn eigen motoren (250 en 300 cc) en een aanzienlijk betere productiekwaliteit. De BMW Isetta werd een groot succes en hielp het BMW-concern door de financieel moeilijke jaren vijftig. Iso zelf stopte de Isetta-productie in 1955 nadat de licentie was verkocht, en richtte zijn aandacht op grotere voertuigen.
De Iso Rivolta: elegante GT
In 1962 introduceerde Iso de Rivolta IR 300, een gran turismo coupé die het merk een compleet nieuw imago gaf. De Rivolta was ontworpen door Giotto Bizzarrini, een voormalige Ferrari-ingenieur die na de legendarische palazzo della Ferrari-rebellie van 1961 zelfstandig was gaan werken. De carrosserie was van de hand van Giorgetto Giugiaro bij Bertone.
Technisch koos Iso voor een Chevrolet Corvette V8 van 5,4 liter, een pragmatische keuze die betrouwbaarheid en kraakhelder motorsupport combineerde met Italiaans design. Dit principe, Italiaanse carrosserie op Amerikaanse V8 mechaniek, deelde Iso met concurrent Gordon-Keeble. De Rivolta had voldoende ruimte voor vier inzittenden en combineerde het comfort van een gran tourisme met de prestaties van een sportwagen.
De Iso Grifo: het vlaggenschip
De Iso Grifo, geïntroduceerd in 1965, was het meest ambitieuze en sportieve model dat Iso ooit produceerde. De tweepersoonscoupe was eveneens van Giugiaro’s hand bij Bertone en had een nog lager en atletischer profiel dan de Rivolta. De motor was dezelfde Chevrolet V8, maar in de sterkste uitvoering leverde die 365 pk. Later werd de Iso Grifo ook leverbaar met de Ford Cleveland 7,0 liter motor, goed voor meer dan 400 pk.
De topsnelheid van de Grifo lag afhankelijk van de motorversie rond de 260-280 km/u, wat hem tot een van de snelste productieauto’s van zijn tijd maakte. De productie was bescheiden: tussen 1965 en 1974 werden circa 435 exemplaren van de Grifo gebouwd, een getal dat de exclusiviteit van het model illustreert.
Verdere modellen: Fidia en Lele
Naast de Rivolta en de Grifo bouwde Iso ook grotere luxemodellen. De Iso Fidia (1967-1975) was een vierdeurs sedan voor acht personen, ontworpen door Ghia, met dezelfde Chevrolet V8 mechaniek. De Fidia was gericht op het segment van de luxe staatsauto, met een rijgelegenheid die rivaliseerde met Rolls-Royce en Mercedes 600. De Iso Lele (1969-1974) was een vierpersoons coupé op basis van het Rivolta-platform, ontworpen door Marcello Gandini bij Bertone.
Einde van Iso
De oliecrisis van 1973-1974 trof Iso op het slechtst mogelijke moment. Het merk was afhankelijk van V8-motoren en een welgesteld kooppubliek dat gerenoveerd werd door de stijgende brandstofprijzen en de economische onzekerheid. Renzo Rivolta was in 1966 al overleden, en zijn zoon Piero kon de storm niet overleven. In 1974 staakte Iso de productie definitief.
Veelgestelde vragen over Iso
Wat is de verbinding tussen Iso en BMW?
Iso verkocht de productielicentie voor de Isetta aan BMW in 1955, waarna BMW de auto met grote commerciële successen op de markt bracht.
Welke motor had de Iso Grifo?
De Iso Grifo had een Chevrolet V8-motor van 5,4 liter, in de krachtigste uitvoering goed voor 365 pk. Later werd ook een Ford Cleveland 7,0 liter beschikbaar.
Hoeveel Iso Grifo-exemplaren zijn gebouwd?
Tussen 1965 en 1974 werden circa 435 exemplaren van de Grifo gebouwd.
Wie ontwierp de Iso Grifo?
De carrosserie van de Iso Grifo was ontworpen door Giorgetto Giugiaro bij Bertone. Het chassis en de techniek waren het werk van Giotto Bizzarrini.
Waarom stopte Iso?
De oliecrisis van 1973-1974 trof het merk fataal. De afhankelijkheid van grote V8-motoren en een krimpende luxemarkt maakten voortzetting van de productie economisch onmogelijk.
Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.










