Stoewer was een Duits automerk dat zijn oorsprong had in de stad Stettin, het huidige Szczecin in Polen. Het bedrijf werd in 1858 opgericht als machinefabriek en stapte aan het einde van de negentiende eeuw over op de productie van naaimachines, fietsen en uiteindelijk auto’s. De eerste Stoewer-auto verscheen in 1899, en het merk bleef actief tot het einde van de Tweede Wereldoorlog in 1945. Stoewer was daarmee een van de langst actieve historische automerken van Duitsland.
Van machine naar auto: de vroege jaren
De overgang van Stoewer naar de automobielproductie verliep organisch. Het bedrijf had ervaring met fijnmechanische productie en paste die expertise toe op het nieuwe product van de automobiel. De vroege Stoewer-auto’s uit de periode 1899-1910 waren technisch gedegen maar niet baanbrekend. Ze volgden de gangbare constructieprincipes van de tijd: stalen chassis, gelede as voor en achter, koppeling via riemen of kettingen.
In de jaren daarna ontwikkelde Stoewer een bredere modellenreeks. Het bedrijf richtte zich op het midden- en hogere segment van de markt, met modellen die beter afgewerkt en krachtiger waren dan de goedkopere volksauto’s die in dezelfde periode verschenen. Dit positioneerde Stoewer als een kwaliteitsmerk voor de hogere middenklasse en de welgestelde burger.
De jaren twintig en dertig: hoogtepunt van de modellenstrategie
De jaren twintig waren voor Stoewer een periode van technische verfijning. Het bedrijf bracht modellen op de markt met achtcilindersmotoren, een keuze die in die periode het stempel van luxe en prestaties droeg. De Stoewer D5, verschenen in 1927, was een van de bekendere modellen uit die periode: een ruime zescilinder sedan die past in de traditie van de Duits-Pruisische luxe auto.
De Stoewer M12 en de latere Stoewer Greif introduceerden in de jaren dertig een moderner lijnenspel, geïnspireerd door de stroomlijntrend die in die periode de automotieven industrie overal in Europa raakte. De Greif had een carrosserie met een afgeronder profiel dan zijn voorgangers, wat hem onderscheidde in het aanbod van het merk. Tevens experimenteerde Stoewer in de jaren dertig met voorwielaandrijving, een technisch progressieve keuze voor die periode.
Militaire productie en het einde van het merk
Met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd de civiele autoproductie bij Stoewer, net als bij de meeste Duitse fabrikanten, omgeschakeld naar militaire productie. Stoewer leverde lichte terreinwagens voor de Wehrmacht, waaronder de Stoewer R180 en de Stoewer R200, beide met voorwielaandrijving en vierwielaandrijving. Deze militaire voertuigen waren technisch sophisticated voor hun tijd en bewezen de constructiekennis die Stoewer had opgebouwd.
Bij het einde van de oorlog werd de fabriek in Stettin zwaar beschadigd en vervolgens geconfisqueerd door de Sovjet-Unie en Polen. De stad Stettin werd Poolse stad Szczecin. Stoewer als automerk hield daarmee effectief op te bestaan: er was geen fabriek meer, geen productielijn en geen financieel fundament om elders opnieuw te beginnen.
Stoewer-auto’s vandaag
Bewaard gebleven Stoewer-auto’s zijn schaars maar niet onvindbaar. Op Europese oldtimerveilingen en in Duitstalige regio’s duiken regelmatig exemplaren op, met name uit de productieperiode 1925-1940. De restauratie van een Stoewer vereist specialistische kennis en soms maatwerkvervanging van onderdelen die niet meer in de handel verkrijgbaar zijn. Er bestaan enkele kleine enthusiastenverenigingen in Duitsland die kennis bewaren over het merk en ondersteuning bieden aan eigenaren.
Veelgestelde vragen over Stoewer
Uit welke stad was Stoewer afkomstig?
Stoewer was gevestigd in Stettin, het huidige Szczecin in Polen.
Welke bekende modellen had Stoewer?
Bekende modellen zijn de Stoewer D5, de Stoewer M12 en de Stoewer Greif, naast militaire varianten als de R180 en R200.
Wanneer stopte Stoewer met auto’s maken?
De productie eindigde effectief in 1945, toen de fabriek bij het einde van de Tweede Wereldoorlog verloren ging.
Was Stoewer een luxemerk?
Ja, Stoewer richtte zich op het midden- en hogere segment, met goed afgewerkte modellen voor de hogere middenklasse en welgestelde kopers.
Gebruikte Stoewer voorwielaandrijving?
Ja, Stoewer experimenteerde in de jaren dertig al met voorwielaandrijving, wat technisch progressief was voor die periode.
Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.










